Somatisch Trauma
Begrijpen hoe trauma in het lichaam leeft
Foundational Essay
Door Dirk Marivoet, MSc
Psychotherapeut, oprichter van Core Strokes®
International Institute for Bodymind Integration
Wat is somatisch trauma?
Somatisch trauma verwijst naar de manier waarop overweldigende ervaringen patronen van regulatie en respons binnen het lichaam vormgeven. Terwijl traumatische gebeurtenissen vaak worden herinnerd via gedachten, emoties of beelden, drukken zij zich ook uit via ademhaling, spierspanning, houding en activiteit van het zenuwstelsel.
Vanuit een somatisch perspectief wordt trauma niet alleen bepaald door wat er in het verleden is gebeurd. Het wordt ook zichtbaar in de manier waarop het organisme in het heden blijft reageren. In die zin beïnvloedt trauma het gehele levende systeem — ademhaling, houding, spierspanning en regulatie van het zenuwstelsel. Lang nadat de oorspronkelijke situatie voorbij is, kan het lichaam georganiseerd blijven rond bescherming — via aanhoudende spanning, waakzaamheid of terugtrekking.
Somatisch traumawerk onderzoekt daarom hoe ervaring zich in het lichaam blijft ontvouwen — via sensatie, beweging, adem en relationeel contact. In plaats van uitsluitend te vertrouwen op het narratief, richt therapie zich ook op de fysiologische patronen waarmee het organisme veiligheid, verdediging en regulatie organiseert.
Somatisch traumawerk wordt meestal beoefend binnen het bredere veld van de somatische psychotherapie, waarin aandacht voor lichaam, adem, sensatie en relationele ervaring geïntegreerd wordt in het therapeutische proces.
Hoe trauma in het lichaam wordt vastgehouden
Mensen reageren op bedreiging via diepgewortelde biologische processen. Wanneer gevaar wordt waargenomen, bereidt het zenuwstelsel het organisme automatisch voor op overleving.
Deze reactie omvat gecoördineerde veranderingen in het hele lichaam. De ademhaling kan oppervlakkig of versneld worden, spieren bereiden zich voor op actie en zintuiglijke systemen verhogen hun waakzaamheid. Het organisme mobiliseert energie voor beschermende reacties zoals vechten, vluchten of verstarren.
Deze reacties kunnen onder meer bestaan uit:
activatie van beschermende spierspanning
veranderingen in ademhalingspatronen
verhoogde zintuiglijke alertheid en waakzaamheid
impulsen tot vechten, vluchten of immobilisatie
Onder normale omstandigheden lossen deze beschermende reacties zich op zodra veiligheid terugkeert. Het lichaam keert geleidelijk terug naar een toestand van evenwicht en flexibiliteit.
Wanneer een ervaring echter overweldigend is of niet volledig kan worden verwerkt, kunnen elementen van deze beschermingsreactie gedeeltelijk georganiseerd blijven in het organisme. Na verloop van tijd kunnen deze patronen onderdeel worden van iemands gewoonte-matige manier van zijn en invloed uitoefenen op houding, beweging, emotionele responsiviteit en relationele ervaring.
Vanuit een somatisch perspectief verschijnt trauma daarom niet alleen als herinnering, maar ook als een blijvende organisatie van lichamelijke regulatie.
Wordt trauma in het lichaam opgeslagen?

Mensen zeggen vaak dat trauma “in het lichaam wordt opgeslagen”. Deze uitdrukking bevat een belangrijke intuïtie, maar kan misleidend zijn wanneer zij te letterlijk wordt opgevat.
Trauma wordt niet opgeslagen als een vaste substantie of object in het lichaam. Overweldigende ervaringen vormen eerder patronen van fysiologische organisatie — hoe het zenuwstelsel reguleert, hoe spieren spanning vasthouden, hoe de adem zich ontvouwt en hoe het organisme reageert op ervaren veiligheid of dreiging.
Deze patronen kunnen lang blijven bestaan nadat de oorspronkelijke gebeurtenis voorbij is. Iemand kan bijvoorbeeld chronische spierspanning ervaren, een beperkte ademhaling, verhoogde waakzaamheid of moeite hebben om tot rust te komen.
Vanuit een somatisch perspectief leeft trauma daarom niet als een opgeslagen herinnering, maar als een patroon van regulatie en respons. Therapeutisch werk richt zich op het organisme helpen om geleidelijk weer flexibiliteit, responsiviteit en het vermogen te herontdekken om tussen toestanden van activatie en rust te bewegen.
Trauma als ontregeling
In de somatische psychotherapie, wordt trauma vaak begrepen als een verstoring van het vermogen van het organisme om zichzelf te reguleren, eerder dan enkel als de herinnering aan een gebeurtenis uit het verleden.
Onder normale omstandigheden beweegt het lichaam vloeiend tussen toestanden van activatie en rust. Het zenuwstelsel mobiliseert energie wanneer actie nodig is en komt weer tot rust wanneer veiligheid terugkeert. Deze flexibiliteit stelt het organisme in staat zich aan veranderende situaties aan te passen.
Traumatische ervaringen kunnen dit natuurlijke ritme van regulatie verstoren. In plaats van gemakkelijk terug te keren naar evenwicht, kan het organisme georganiseerd raken rond aanhoudende beschermingspatronen.
Deze patronen kunnen zich uiten als:
chronische spierspanning of defensieve houding
moeite met ontspannen of tot rust komen
plotselinge golven van emotionele overweldiging
gevoelloosheid of verlies van contact met lichamelijke sensatie
afwisselende toestanden van activatie en instorting
Vanuit dit perspectief zijn traumareacties geen tekenen van zwakte of pathologie. Zij vertegenwoordigen betekenisvolle aanpassingen van het organisme — manieren waarop het lichaam heeft geprobeerd veiligheid en integriteit te bewaren onder moeilijke omstandigheden.
Somatisch traumawerk richt zich daarom niet op het elimineren van deze reacties, maar op het helpen van het organisme om geleidelijk weer flexibiliteit, responsiviteit en zelfregulatie te ontwikkelen.
Trauma wordt niet alleen herinnerd — het wordt georganiseerd in patronen van regulatie binnen het levende lichaam.
Schoktrauma en ontwikkelingstrauma
Somatisch traumawerk erkent dat overweldigende ervaringen op verschillende manieren kunnen ontstaan. Sommige traumatische gebeurtenissen gebeuren plotseling en zijn duidelijk identificeerbaar, terwijl andere zich geleidelijk ontwikkelen via herhaalde relationele ervaringen.
Het begrijpen van dit onderscheid helpt verduidelijken hoe trauma zich in het lichaam en in patronen van regulatie organiseert.
Schoktrauma
Schoktrauma verwijst naar afzonderlijke gebeurtenissen die het onmiddellijke vermogen van het organisme om te reageren overweldigen. Dit kan bijvoorbeeld gaan om ongelukken, medische ingrepen, geweld, natuurrampen of andere situaties waarin iemand plotseling dreiging of hulpeloosheid ervaart.
In zulke situaties mobiliseert het zenuwstelsel krachtige overlevingsreacties. Wanneer deze reacties niet volledig kunnen worden voltooid of ontladen, kunnen elementen van deze beschermingsreactie gedeeltelijk in het lichaam georganiseerd blijven.
Ontwikkelingstrauma
Ontwikkelingstrauma ontstaat geleidelijk via herhaalde ervaringen in vroege relaties. Dit kan onder meer bestaan uit verwaarlozing, chronische stress, emotionele afwezigheid, inconsistente zorg of omgevingen waarin een kind zich voortdurend moet aanpassen aan relationele instabiliteit.
Omdat vroege relaties bepalen hoe het zenuwstelsel leert zichzelf te reguleren, beïnvloedt ontwikkelingstrauma vaak langdurige patronen van emotieregulatie, hechting en lichamelijke organisatie.
Vanuit een somatisch perspectief kunnen deze vroege aanpassingen zichtbaar worden als karakteristieke patronen van houding, ademhaling, spierspanning en relationele stijl — vaak beschreven in de lichaamsgerichte psychotherapie als karakterstructuren.
Waarom het lichaam belangrijk is in traumaverwerking
Traumatische ervaringen beïnvloeden het lichaam vaak voordat ze via taal of reflectie begrepen kunnen worden.
Wanneer het organisme overweldigende stress ervaart, worden reacties van bescherming en overleving georganiseerd via ademhaling, spierspanning, houding en activiteit van het zenuwstelsel.
Daarom kan werken uitsluitend op het niveau van gedachten of verhalen de diepere patronen van fysiologische organisatie die met trauma gepaard gaan, onvoldoende bereiken.
Somatische benaderingen besteden daarom aandacht aan processen zoals:
ademhalingspatronen
spierspanning en houding
lichamelijke sensatie en interoceptie
impulsen tot beweging of terugtrekking
ervaringen van relationeel contact en veiligheid
Door geleidelijk en respectvol aandacht te geven aan deze belichaamde processen kan het organisme patronen van bescherming reorganiseren en opnieuw flexibiliteit in regulatie ontdekken.
Op deze manier ontvouwt therapeutische verandering zich niet alleen via nieuw inzicht, maar ook via veranderingen in hoe het lichaam veiligheid, responsiviteit en verbinding ervaart.
Trauma, fascia en het levende lichaam
Omdat traumagerelateerde patronen het hele lichaam betreffen, groeit de aandacht voor de rol van bindweefsel — fascia — in belichaamde ervaring.
Fascia vormt een continu netwerk door het hele lichaam en verbindt spieren, organen, zenuwen en bloedvaten. Dit levende weefsel draagt bij aan houding, beweging, zintuiglijke waarneming en de coördinatie van fysiologische processen.
Wanneer het organisme op dreiging reageert, beïnvloeden patronen van spierspanning, beschermende houding en veranderde ademhaling ook het fasciale netwerk. Na verloop van tijd kunnen deze adaptieve reacties bijdragen aan karakteristieke kwaliteiten van weefseltoon, restrictie of verminderde responsiviteit.
In de somatische praktijk leren therapeuten vaak deze kwalitatieve verschillen in weefselorganisatie herkennen — hoe fascia bijvoorbeeld dicht, defensief of beperkt kan aanvoelen, of juist vloeibaarder en responsiever.
Vanuit een somatisch perspectief neemt fascia dus actief deel aan hoe beschermingspatronen zich in het lichaam organiseren.
Daarom besteden veel hedendaagse somatische benaderingen — waaronder Core Strokes® — aandacht aan de kwaliteiten van bindweefsel binnen het therapeutisch proces.
Werken met adem, beweging, houding en relationeel contact kan geleidelijk meer elasticiteit, vloeibaarheid en responsiviteit in het organisme ondersteunen.
Somatisch traumawerk in de praktijk
In de somatische psychotherapie ontvouwt traumawerk zich geleidelijk en in samenwerking. De nadruk ligt niet op het forceren van emotionele ontlading of het opnieuw beleven van traumatische gebeurtenissen, maar op het ondersteunen van het vermogen van het organisme om te reguleren, ervaring te integreren en flexibel op het heden te reageren.
Therapeutisch werk richt zich daarom op hoe patronen van bescherming en regulatie in het lichaam georganiseerd zijn.
In de praktijk kan dit onder meer bestaan uit:
het ontwikkelen van bewustzijn van lichamelijke sensaties
het herkennen van patronen van spanning, contractie of terugtrekking
het ondersteunen van gereguleerde ademhaling en gronding
het verkennen van bewegingsimpulsen of houding
het versterken van het vermogen aanwezig te blijven bij ervaring
Gedurende dit proces is zorgvuldige dosering essentieel. Het werk respecteert de natuurlijke ritmes van het zenuwstelsel en het tempo waarin integratie voor ieder individu mogelijk wordt.
De rol van relatie
Trauma ontstaat zelden volledig geïsoleerd. Veel overweldigende ervaringen ontstaan binnen relationele contexten en beïnvloeden hoe iemand veiligheid, vertrouwen en verbinding met anderen ervaart.
Daarom is genezing van trauma niet alleen een individueel proces. Het ontvouwt zich vaak binnen een relationeel veld waarin nieuwe ervaringen van afstemming, responsiviteit en veiligheid mogelijk worden.
In somatische psychotherapie wordt de therapeutische relatie een belangrijke omgeving voor dit proces.
Somatisch Trauma en Regulatie
Een centraal doel van somatisch traumawerk is het herstel van flexibele regulatie.
In een goed gereguleerd organisme kan het zenuwstelsel zich vloeiend bewegen tussen toestanden van activatie en rust. Energie wordt gemobiliseerd wanneer actie nodig is en komt weer tot rust wanneer veiligheid aanwezig is.
Trauma kan deze natuurlijke flexibiliteit verstoren. Het lichaam kan georganiseerd raken rond aanhoudende toestanden van activatie, instorting of defensieve waakzaamheid.
Somatisch traumawerk ondersteunt daarom het geleidelijke herstel van regulatievermogen. Dit omvat onder meer het vermogen om:
emotionele activatie te ervaren zonder overweldigd te raken
te ontspannen en tot rust te komen wanneer veiligheid aanwezig is
vloeiend te bewegen tussen toestanden van betrokkenheid en rust
verbonden te blijven met lichamelijke sensatie en emotionele ervaring
Wanneer regulatie verbetert, ontdekken mensen vaak opnieuw meer vitaliteit, emotionele ruimte en relationele openheid. Wat eerder leek op een rigide defensieve organisatie kan geleidelijk plaatsmaken voor meer responsieve en flexibele manieren van zijn.
Somatisch Trauma en Core Strokes®
Mijn werk met Core Strokes® komt voort uit het bredere veld van de somatische psychotherapie en heeft zich ontwikkeld door langdurige klinische praktijk, onderzoek en leren binnen verschillende tradities.
Binnen deze benadering wordt trauma niet alleen begrepen vanuit de dynamiek van het zenuwstelsel, maar ook vanuit de manier waarop ervaring zich organiseert in ademhaling, bindweefsel, houding en relationele timing.
Core Strokes® besteedt daarom bijzondere aandacht aan verschillende met elkaar verbonden dimensies van belichaamde organisatie, waaronder:
patronen van ademhaling en energetische regulatie
de responsiviteit en organisatie van fasciale weefsels
houding, beweging en spierspanning
ontwikkelings- en relationele timing binnen therapeutisch contact
Door zorgvuldig met deze dimensies te werken, ondersteunt therapie de geleidelijke reorganisatie van belichaamde patronen van verdediging en regulatie.
Je kunt hier meer lezen over de Core Strokes® benadering van somatische psychotherapie:
Core Strokes® & Somatische Psychotherapie
Deze perspectieven hebben zich ook ontwikkeld binnen een lange traditie van lichaamsgerichte psychotherapie. Als je geïnteresseerd bent in de historische achtergrond van dit veld, kun je hier de historische ontwikkeling van de lichaamsgerichte psychotherapie verkennen.
Een Zachte Uitnodiging
Als je nieuwsgierig bent naar somatisch traumawerk, kan de eerste stap eenvoudig beginnen met aandacht voor hoe jouw ervaring in het lichaam leeft.
Somatische psychotherapie vereist geen dramatische expressie of intense lichamelijke technieken. Vaak begint het werk rustig — met het opmerken van de adem, het voelen van de houding of het bewust worden van hoe het lichaam reageert in relatie.
Door dit geleidelijke proces van aandacht ontdekken mensen vaak opnieuw vermogens die lange tijd verborgen waren achter beschermende patronen: het vermogen om tot rust te komen, te voelen, te bewegen en aanwezig te blijven bij ervaring.
Na verloop van tijd kan deze zachte verkenning een hernieuwd gevoel van veiligheid, aanwezigheid en belichaamde vrijheid ondersteunen.
The Energetic Breath Cycle™
Neurofascial Transformation Process™
The Fascia Texture Typology™
Lineage & Foundations
Neurofascial Encoding™
Beyond structural and developmental models, Core Strokes® also works with symbolic and existential dimensions of embodied experience. These maps explore how meaning, polarity, and soul-level patterns are lived through the body.
Soul Textures™
